--- NAVIGATIE ---

Jan Paulus' (Pouwels)



   

 


 

Jan Paulus' (Pouwels)


Geboren in 1612 als tweede kind. Man.
Wonende te Longerhouw en te Witmarsum als boer op stem 49 van Witmarsum.
Overleden ongeveer 1670 te Witmarsum-Andlaburen.



Sneek 9 april 1997    
door H.A.M. Andela:

Andla state
De oudste bron

In de inventaris van het Oud Archief van de gemeente Bolsward wordt onder nr. 769 een ruilovereenkomst vermeld tussen 'n Mr.Jarigh Dekema, grietman van Baarderadeel en de Voogden van de rechten Armen in Bolsward, d.d. 21 juli 1524. Het stuk wordt nader uitgewerkt in de bijlagen nr. 67, en luidt als volgt: 1524 juli Jarich Dekema grietman in Baerderadeel ter eenre- en Nanne Reynsz. en Epe Andrijs z. armvoogden binnen de stad Boelswert sluiten een ruilovereenkomst, waarbij Jarich aan de armvoogden overdraagt twintig enkelgulden en zes stuivers eeuwige jaarlijkse rente liggende te Andlabueren in Witmarsum gae waar Symen Sybe z. op woont, waartegenover laatstgenoemden zullen geven zeventien enkel gulden min zes stuivers jaarlijks rente, liggende op het goed Lyaetens in Wynsemagae, waar Melle Wybez. op woont, met de bepaling dat de voogden de als vergoeding voor de overwaarde van Jarich Dekema's rente aan hem bovendien zullen betalen zestig  enkelguldens ineens.
(oorspr.op papier inv. no. 769)

Met opgedrukt signet onder papierruit en handtekening van Jarich Dekema benevens opgedrukte zegels (grotendeels afgebrokkeld) en handtekeningen van Doecke Hesseling, grietman over Franekeradeel en Nanne Reyn z. In dorso: Andleburen gued to Witmarsum en de Polke gued. (met later hand:) Wandelbrief tusschen Jarigh Dekema over Baerderadeel ende d'voogden van rechte Armen in Bolswert 1524.

Dit is, zoals er in die tijd vele waren, een ruilovereenkomst tussen de grietman van Baarderadeel en de Armvoogden van de stad Bolsward, die beiden -door erfenis of schenking- een stukje land hadden liggen, nogal ver van hun woonplaats. Dat was lastig en zodoende kwam men vaak tot een ruilovereenkomst om gemakkelijker zijn bezit te kunnen bereiken, want het betekende: dichterbij. Omdat verschillende van rechtstreekse voorouders op dit Andla-bueren gewoond hebben, interesseerde mij niet alleen de naam van dit perceel, met daarop een bescheiden "boeren- spultsje", maar ook de vraag, waarom deze Jarigh Dekema, grietman van Baarderadeel er eigenaar van was.
Dit "Andlebueren gued" bestaat thans niet meer, maar het was gelegen aan de westkant van Witmarsum, op het punt waar thans de doorgang door Witmarsum zich rechts afsplitst van de noordelijke weg om Witmarsum heen, richting Arum en Kimswerd.

Ze waren blijkbaar van adel, dus maar eens het stamboek van de Friese Adel (Leeuwarden, 1846, deel 1) geraadpleegd. Daarin treffen wij in de vijfde generatie van het geslacht Camstra een  zekere Rienck van Camstra aan, die zich ook Rienck van Andla mocht noemen (pag. 80). Deze was in 1486 getrouwd met Jetscke Sjoerds van Grovestins (weduwe van Feijcke Keympes van Unia. Hij mocht zich: Van Andla noemen omdat hij via zijn moeder Andlastate geërfd had.
Dat zat zo: zijn moeder, Athy Aedes Unia, had het van haar moeder gekregen. Dat was een Ymck (?) Andela, gehuwd met Aede Unia en een zuster van een bekende rechter Hessel Andela van Franeker. Toen deze laatste in 1477 kinderloos stierf, viel "Andla-state" haar als erfenis ten deel. Het echtpaar Rienck van Andla en Jetscke van Grovestins, in 1486 getrouwd, kreeg 7 kinderen: Sjoerd, Athy, Jadts, die non werd in het klooster Bethlehem, Sytze, Aede, Bauckje, die zich later weer Camstra noemt en Hessel. Zij noemden zich, althans volgens het Stamboek van de Friese Adel, allen "van Andla". Rienck van Andla overleed op 27 juli 1513, zijn vrouw Jetscke van Grovestins in 1521. Beiden liggen in de kerk van Weidum, gemeente Baarderadeel, begraven. Hun jongste zoon Hessel, waarvan alleen vermeld wordt, dat hij in 1503 overleed, zal genoemd zijn naar de zoëven genoemde Hessel Andela van Franeker, die we blijkens een der vermelde bronnen in het Tablinum (bijvoegsel) achter in "de Geschiedenis kerckelijk ende wereltlijck van Frieslant" van Christiaan Schotanus (Franeker 1658) o.m. terugvinden als "ruychter van Hellinga-state in Franeker. Een Peter Campstra beheert dan een stins "Ald Andla" daar. (Bijvoegsel pag. 31 t/m 36)
Omdat volgens het Stamboek deze Hessel Andela als oudste bezitter van "Andla-state" bij Witmarsum wordt vermeld, mogen we in hem wellicht degene zien, die omstreeks 1430 Andla-state heeft laten bouwen. Geen van de zeven kinderen kwam later, toen zij de leeftijd hadden op "Andla-state" te wonen. Ze zijn allen na 1486 geboren. Er waren drie meisjes, waarvan een non werd en de anderen jong overleden. De oudste zoon Sjoerd vond op andere bezittingen een beter bestaan. De andere drie jongens stierven respectievelijk in 1518, 1513, en 1503.
Zo kwam "het spultsje te Witmarsum" in handen van Jarich Juws van Dekema, die volgens het stamboek, pag. 80, gehuwd was met een Trijn van Camstra. Deze laatste was een dochter van een gelijknamige neef van de bovengenoemde Rienck van Camstra, alias van Andla.
Jarich van Dekema zelf was een zoon van Juw van Dekema en Yds Unia, die beiden in de kerk van Weidum liggen begraven: de laatste "in festo Maria Visitacio (2 juli) 1476, zoals op de grafsteen te lezen staat. In 1523 werd hij "raad" in het Hof van Friesland en grietman van Baarderadeel. Later in 1551 werd hij grietman van Franekeradeel en "olderman" van Franeker. Daar is hij in 1554 overleden. Zijn vrouw overleefde hem. Het was deze Jarich van Dekema, die de ruilovereenkomst met de "Voogden van de rechte Armen in Bolswert" sloot.

De Symen Sybesz, die er in 1524 op woonde, was zeker geen rechtstreekse voorvader van onze latere voorouders, die later (tussen 1640 en 1780) op dit "spultsje", Andla-gued- in de "Stemcohieren" van 1640, 1698, en 1728 pleats 49 onder de  stemgerechtigde boerderijen van Witmarsum- als pachters bewoond hebben.

Het is aan deze boerderij dat Douwe Paulus Andela, die leefde van 1786 tot 1880, de grootvader van mijn grootvader, in 1811 de door hem toen gekozen naam "Andela" heeft ontleend.

De boerderij werd in 1843 ontmanteld. Het resterende woonhuis werd daarna los verhuurd. Omstreeks 1952 verkocht de gemeentelijke instelling voor Sociale Zorg het huis aan de pachter Tj. Dijkstra. Bij de aanleg van de nieuwe rondweg, noordelijk van Witmarsum ± 1960, werd het perceel onteigend en het woonhuis afgebroken. (Brief archivaris D. Bunskoeke, maart 1991)
Sneek 9 april 1997     H.A.M. Andela

 

  • Zijn moeder is:

  • Trijn Taededr
    Vrouw. Wonende te Hartwerd.
    Overleden 1618 te Hartwerd.

 

Gehuwd (1)

op zondag 1 juni 1636 te Bolsward stadhuis (zelf ongeveer 24 jaar oud) met de ongeveer 23-jarige:
  • Marij Tjeerds (Tyaerdts)
    Geboren ongeveer 1613 als derde kind. Vrouw.
    Wonende te Zaard.
    Overleden voor 1640 .

  • 1 kind uit dit huwelijk:
       voornaam:  geboren:    overleden:  plaats:  partner:    kinderen:
    1 Marij Jans ca.  -1638 17 10-1676 Witmarsum Gerben ... 2

 

Gehuwd (2)

in 1640 (zelf ongeveer 28 jaar oud) met de ongeveer 20-jarige:

 





Personen gerangschikt op voornaam, achternaam of geboorteplaats, klik hier
Zoeken naar personen: hier

Home: http://www.ysa.nl/sta-data
E-mail: info@sta-data.nl

Sponsor: www.sta-data.nl